Karakters

Meneer Duffeling was ‘groot en gezet en had bijna geen nek’. Zijn vrouw was ‘mager en haar nek was twee keer zo lang als normaal’, wat goed van pas kwam om de buren over de schutting te begluren.

De oom en tante van Harry Potter staan er niet mooi op in het eerste deel van de beroemde reeks. Vanaf de eerste bladzijde heb je al een hekel aan ze. De sympathie van de lezer ligt daardoor al snel bij de tovenaarsleerling in spe.

Schrijvers gebruiken uiterlijke kenmerken, gewoontes, maniertjes van personages in boeken om hun karakters te schetsen. Met gedetailleerde beschrijvingen door alwetende verteller, of beschrijvingen van gedragingen of gevoelens van de personages, krijg je een hekel aan de een, en hou je van de ander.
Een analyse van de techniek die fictieschrijvers gebruiken, kan boeiend zijn voor leerlingen met schrijfaspiraties. Interessant voor iedere leerling is waarom ze gepakt worden door karakters in een boek. Leven ze mee met de hoofdpersoon of zijn ze in hun fantasie zelf Harry Potter, Lampje of misschien zelfs Bob Popcorn? Of vinden ze juist de vijanden intrigerend? Hierover het gesprek aangaan met leerlingen geeft verdieping, en kan tegelijkertijd helpen bij het uitzoeken van een volgend boek. De vragen zijn eenvoudig; wie vind je de leukste persoon in je boek? En waarom?

Bekentenis

Maurice van Kouwen

Aan het begin van iedere zomervakantie bracht mijn moeder een bananendoos vol met stripboeken mee naar huis. Daartussen vond ik Toppers in strip. Een bundel jeugdklassiekers zoals Alleen op de wereld, 20.000 mijlen onder zee en Huckleberry Finn in stripvorm..

In medias res

Liselotte Dessauvagie

Medias… wat? Deze Latijnse uitdrukking betekent: ‘in het midden van de zaken’. Oftewel, middenin het verhaal beginnen. Verhalen kennen een vertelvolgorde. En die volgorde kan mede bepalen hoe we een verhaal dat we lezen of luisteren ervaren..