Bergen en zeewind

Doe je ogen dicht. Luister goed.

‘Ze aten al dagen schrale brij met netels. Het was de hoogste tijd dat Frid nieuwe voorraad ging halen. Hij stond in de deuropening met de tas op zijn rug. Het was vroeg in de morgen, de zon ging schuil achter de bergkam boven de hut.’

Doe je ogen weer open. Waar was je? Ben je nog in Nederland? Waarschijnlijk niet. Bergen hebben we niet in Nederland. En dat eten, hoe zou dat smaken? In de eerste alinea van het boek Lepelsnijder van Marjolijn Hof wordt meteen een hele nieuwe wereld geschapen. Dat wordt setting genoemd: de tijd en plaats waar het verhaal zich afspeelt. Schrijvers weten met woorden direct een beeld en gevoel te geven. Alsof jij daar ook in die bergen bent.

Nog eentje.

‘Ik zag het gebeuren. Papa’s rode trui en mijn gestreepte waren de doelpalen. De zon scheen op mijn armen en de zeewind voetbalde stiekem met ons mee. Ik holde tot ik niet meer kon, en bleef toen hijgend staan.’

Waar was je nu? Ergens aan de kust waarschijnlijk, voetballend op een strand. Mijn bijzonder rare week met Tess van Anna Woltz begint met deze zinnen. Ander verhaal, totaal andere setting.

Wanneer je af en toe even de eerste bladzijde van een boek voorleest en met de kinderen de setting van het verhaal bespreekt, help je ze enorm op weg om in het boek te komen.

Karakters

Tessa Stoke

Meneer Duffeling was ‘groot en gezet en had bijna geen nek’. Zijn vrouw was ‘mager en haar nek was twee keer zo lang als normaal’, wat goed van pas kwam om de buren over de schutting te begluren..

Snelle werkvormen

Liselotte Dessauvagie

Natuurlijk wil je meteen met alle mooie teksten en boeken aan de slag! Dat is helemaal niet moeilijk, er zijn veel snelle en makkelijke werkvormen waarmee je boeken onder de aandacht van de kinderen brengt. Wat dacht je van deze super leuke activiteiten:.